Steunmaatregelen in coronatijden

(laatste update 15/01/2021)

De COVID-19 crisis is nog steeds heel erg aanwezig. Voor veel bedrijven zorgt dit voor een ernstige economische impact omdat ze (opnieuw) moeten sluiten of minder omzet draaien. De regering nam al diverse maatregelen om de bedrijven te ondersteunen tijdens deze moeilijke periode. Deze zijn ondertussen al gewijzigd, verlengd en er zijn andere bijgekomen. Hieronder een beknopt overzicht van de op heden geldende steunmaatregelen.

 

Inhoudstafel

Het overbruggingsrecht voor zelfstandigen in 2021

Nieuw Vlaams beschermingsmechanisme (luik 3)

Globalisatiepremie

Aanvullende premies in bepaalde gemeentes

Versoepeling fiscale en sociale zekerheidsverplichtingen

  • Afbetalingsplan fiscale schulden
  • Sociale bijdragen
  • Registratie- en erfbelasting
  • Onroerende voorheffing

Steunmaatregelen voor werkgevers

  • Tijdelijke werkloosheid wegens overmacht
  • Uitstel betalingen RSZ

Algemene steunmaatregelen

***

 

 

 

Het overbruggingsrecht voor zelfstandigen in 2021

In bepaalde gevallen kunnen zelfstandigen tijdens de COVID-19 crisis beroep doen op één van de uitkeringen van het overbruggingsrecht als vervangingsinkomen. We onderscheiden hier 4 soorten uitkeringen:

Dubbel corona-overbruggingsrecht (januari 2021)

Wat

Het gewone corona-overbruggingsrecht werd tijdelijk verdubbeld voor zelfstandigen die verplicht moesten sluiten.

Periode

Zelfstandigen die nog steeds hun zaak moeten sluiten in 2021, kunnen deze dubbele uitkering nog ontvangen voor de maand januari 2021.

Voor wie

Elke zelfstandige in hoofdberoep (of meewerkende partner) die wordt gedwongen zijn activiteit te onderbreken omwille van de gevolgen van het coronavirus, kan aanspraak maken op deze maatregel. Ook zelfstandigen in bijberoep kunnen onder bepaalde voorwaarden in aanmerking komen (zie verder in dit artikel). Startende zelfstandigen kunnen ook gebruik maken van dit crisis-overbruggingsrecht.

Specifiek gaat het om volgende situaties:

  • verplichte volledige sluiting opgelegd door de Nationale Veiligheidsraad (met uitzondering van toegestane take-away in horeca, toegestane click and collect voor de niet-essentiële handelszaken en het vervroegd sluitingsuur voor nachtwinkels): je komt meteen in aanmerking voor de premie, minimumduur van onderbreking is niet vereist;
  • Geen opgelegde sluiting maar je bent gedwongen om je activiteit volledig te onderbreken omdat je hoofdzakelijk afhankelijk bent van een activiteit die zoals hierboven aangetoond wél verplicht gesloten is. Voorwaarde is dat alle activiteit onderbroken is tijdens de periode van gedwongen onderbreking van de activiteit waarvan men afhankelijk is.
Vergoeding

Indien je als zelfstandige in aanmerking komt onder bovenstaande voorwaarden, zal het maandbedrag van 2.583,38 EUR (met gezinslast 3.228,20 EUR) worden uitbetaald.

Aanvraag

Je kan een aanvraag indienen bij uw sociaal verzekeringsfonds. Deze moet elke maand opnieuw ingediend worden. De aanvraagformulieren kan u terugvinden op hun respectievelijke website. Het overbruggingsrecht kan aangevraagd worden tot uiterlijk 30 september 2021. Bij toekenning van deze premie, zal voor januari 2021 de uitkering uitbetaald worden begin februari 2021.

Gedeeltelijke uitkering

Komen in aanmerking:

  • zelfstandige in bijberoep die wettelijke voorlopige sociale bijdragen verschuldigd is die worden berekend op een referte-inkomen tussen € 7.021,29 en € 14.042,57;
  • zelfstandige in hoofdberoep gelijkgesteld met bijberoep (art. 37 ARS) die wettelijke voorlopige sociale bijdragen verschuldigd is die worden berekend op een referte-inkomen tussen € 7.021,29 en € 7.356,08;
  • student-zelfstandige die wettelijke voorlopige sociale bijdragen verschuldigd is die worden berekend op een referte-inkomen tussen € 7.021,29 en € 14.042,57;
  • actief gepensioneerde zelfstandige die wettelijke voorlopige sociale bijdragen verschuldigd is die worden berekend op een referte-inkomen hoger dan € 7.021,29.

Zij hebben recht op een halve financiële vergoeding van maximaal 1.291,69 EUR/maand of 1.614,10 EUR/maand (met gezinslast).

***

 

 

 

Corona-overbruggingsrecht (februari en maart 2021)

Wat

Dit is een tijdelijk vervangingsinkomen die zelfstandigen kunnen ontvangen omdat ze hun activiteiten moeten onderbreken naar aanleiding van de sluitingsmaatregelen opgelegd door de overheid.

Periode

Zelfstandigen die nog steeds hun zaak volledig moeten sluiten, kunnen voor de maanden februari en maart 2021 deze uitkering ontvangen.

Voor wie

Elke zelfstandige in hoofdberoep (of meewerkende partner) die wordt gedwongen zijn activiteit te onderbreken omwille van de gevolgen van het coronavirus, kan aanspraak maken op deze maatregel. Ook zelfstandigen in bijberoep kunnen onder bepaalde voorwaarden in aanmerking komen (zie verder in dit artikel). Startende zelfstandigen kunnen ook gebruik maken van dit crisis-overbruggingsrecht.

Specifiek gaat het om volgende situatie:

  • De zelfstandige activiteit wordt verplicht onderbroken door de sluitingsmaatregelen opgelegd door de overheid;
  • Je komt niet in aanmerking als je activiteit afhankelijk is van deze verplicht gesloten activiteit, enkel als de activiteit rechtstreeks beoogd wordt door de sluitingsmaatregelen;
  • Er is geen minimumduur van onderbreking tijdens de kalendermaand vereist;
  • De zelfstandige activiteit is volledig onderbroken, gedeeltelijk voortzetten mag niet, ook niet onder de vorm van take-away of click and collect.

Bij het niet voldoen aan bovenstaande voorwaarden, kan beroep gedaan worden op het overbruggingsrecht bij omzetdaling (zie verder in het artikel).

Vergoeding

De uitkering varieert naargelang de duur van de gedwongen onderbreking:

  • Minstens 15 opeenvolgende kalenderdagen: vergoeding van maximaal 1.219,69 EUR/maand of 1.614,10 EUR/maand (met gezinslast);
  • Minder dan 15 opeenvolgende kalenderdagen: vergoeding van maximaal 645,85 EUR/maand of 807,05 EUR/maand (met gezinslast).
Aanvraag

Je kan een aanvraag indienen bij uw sociaal verzekeringsfonds. Deze moet elke maand opnieuw ingediend worden. De aanvraagformulieren kan u terugvinden op hun respectievelijke website. Het overbruggingsrecht kan aangevraagd worden tot uiterlijk 30 september 2021. Bij toekenning van deze premie, zal de uitkering als volgt worden uitbetaald:

  • voor februari 2021: uitbetaling begin maart 2021;
  • voor maart 2021: uitbetaling begin april 2021.
Gedeeltelijke uitkering

Komen in aanmerking:

  • zelfstandige in bijberoep die wettelijke voorlopige sociale bijdragen verschuldigd is die worden berekend op een referte-inkomen tussen € 7.021,29 en € 14.042,57;
  • zelfstandige in hoofdberoep gelijkgesteld met bijberoep (art. 37 ARS) die wettelijke voorlopige sociale bijdragen verschuldigd is die worden berekend op een referte-inkomen tussen € 7.021,29 en € 7.356,08;
  • student-zelfstandige die wettelijke voorlopige sociale bijdragen verschuldigd is die worden berekend op een referte-inkomen tussen € 7.021,29 en € 14.042,57 ;
  • actief gepensioneerde zelfstandige die wettelijke voorlopige sociale bijdragen verschuldigd is die worden berekend op een referte-inkomen hoger dan € 7.021,29.

De vergoeding varieert hier ook naargelang de duur van onderbreking:

  • Minstens 15 opeenvolgende kalenderdagen: vergoeding van maximaal 645,85 EUR/maand of 807,05 EUR/maand (met gezinslast);
  • Minder dan 15 opeenvolgende kalenderdagen: vergoeding van maximaal 322,93 EUR/maand of 403,53 EUR/maand (met gezinslast).
***

 

 

 

Overbruggingsrecht omzetdaling (januari t.e.m. maart 2021)

Wat

Dit is een tijdelijk vervangingsinkomen die zelfstandigen kunnen ontvangen omdat ze geconfronteerd worden met een aanzienlijke daling van het omzetcijfer (minstens 40%) als gevolg van de COVID-19 crisis.

Periode

Dit kan aangevraagd worden voor de maanden januari, februari en maart 2021 onder de hieronder bepaalde voorwaarden.

Voor wie

Elke zelfstandige in hoofdberoep (of meewerkende partner) die wordt gedwongen zijn activiteit te onderbreken omwille van de gevolgen van het coronavirus, kan aanspraak maken op deze maatregel. Ook zelfstandigen in bijberoep kunnen onder bepaalde voorwaarden in aanmerking komen (zie verder in dit artikel). Startende zelfstandigen kunnen ook gebruik maken van dit crisis-overbruggingsrecht.

Voorwaarden:

  • In de kalendermaand voorafgaand aan de kalendermaand waarvoor je de uitkering vraagt, moet een omzetdaling van minstens 40% aangetoond kunnen worden, ten opzichte van dezelfde kalendermaand tijdens het refertejaar 2019;
  • Een duidelijke link tussen het omzetverlies en de COVID-19-crisis moet gemotiveerd worden.

Bv. Uitkering januari 2021: omzetdaling van 40% december 2020 tegenover december 2019.

Zelfstandigen die nog niet actief waren in de betrokken kalendermaand in 2019 of abnormaal lage omzetcijfers hadden (door bv. overmacht of moederschapsrust) mogen ook rekening houden met de eerstvolgende volledige kalendermaand.

Vergoeding

Indien je als zelfstandige in aanmerking komt onder bovenstaande voorwaarden, zal het maandbedrag van 1.291,69 EUR (met gezinslast 1.614,10 EUR) worden uitbetaald.

Aanvraag

Je kan een aanvraag indienen bij uw sociaal verzekeringsfonds. Deze moet elke maand opnieuw ingediend worden. De aanvraagformulieren kan u terugvinden op hun respectievelijke website. Het overbruggingsrecht kan aangevraagd worden tot uiterlijk 30 september 2021. Bij toekenning van deze premie, zal de uitkering als volgt worden uitbetaald:

  • voor januari 2021: uitbetaling begin februari 2021
  • voor februari 2021: uitbetaling begin maart 2021
  • voor maart 2021: uitbetaling begin april 2021
Gedeeltelijke uitkering

Komen in aanmerking:

  • zelfstandige in bijberoep die wettelijke voorlopige sociale bijdragen verschuldigd is die worden berekend op een referte-inkomen tussen € 7.021,29 en € 14.042,57;
  • zelfstandige in hoofdberoep gelijkgesteld met bijberoep (art. 37 ARS) die wettelijke voorlopige sociale bijdragen verschuldigd is die worden berekend op een referte-inkomen tussen € 7.021,29 en € 7.356,08;
  • student-zelfstandige die wettelijke voorlopige sociale bijdragen verschuldigd is die worden berekend op een referte-inkomen tussen € 7.021,29 en € 14.042,57 ;
  • actief gepensioneerde zelfstandige die wettelijke voorlopige sociale bijdragen verschuldigd is die worden berekend op een referte-inkomen hoger dan € 7.021,29.

Zij hebben recht op een halve financiële vergoeding van maximaal 645,85 EUR/maand of 807,05 EUR/maand (met gezinslast).

***

 

 

 

Overbruggingsrecht bij quarantaine of gesloten klas, school of kinderopvang

Wat

Elke zelfstandige in hoofdberoep (of meewerkende partner) kan beroep doen op deze maatregel in geval van een gedwongen onderbreking door volgende situaties:

  • de zelfstandige wordt in quarantaine geplaatst en is hierdoor gedwongen de activiteit gedurende minstens 7 opeenvolgende kalenderdagen te ontbreken. Dit moet aangetoond worden aan de hand van een quarantaine-attest op naam van de zelfstandige. Wie omwille van niet-essentiële redenen, afgereisd is naar een rode zone, komt niet in aanmerking. Indien de activiteit van thuis kan uitgeoefend worden, komt de zelfstandige ook niet in aanmerking. ;
  • de zelfstandige die gedwongen is de activiteit gedurende minstens 7 opeenvolgende kalenderdagen te ontbreken omdat ze moeten instaan voor de zorg van hun kind(eren), doordat de klas/school/kinderopvang, kind zelf in quarantaine zit, gesloten wordt of de kinderen lessen op afstand moeten volgen. Dit kan enkel betrekking hebben op kinderen van maximum 18 jaar (gehandicapt kind geen leeftijdsbeperking). Dit moet aangetoond worden aan de hand van een bewijsstuk van de directie of kinderopvang.
Periode

Dit kan aangevraagd worden voor de maanden januari, februari en maart 2021.

Voorwaarden

Je bent als zelfstandige sociale bijdragen verschuldigd in België.

Vergoeding

Het bedrag is afhankelijk van het al dan niet hebben van een gezinslast + de duur van de onderbreking:

Onderbreking  Zonder gezinslast Met gezinslast
28 dagen of meer 1.291,69 euro 1.614,10 euro
Tussen 21 en 27 dagen 968,77 euro 1.210,58 euro
Tussen 14 en 20 dagen 645,84 euro 807,05 euro
Tussen 7 en 13 dagen 322,92 euro 403,53 euro
Minder dan 7 dagen 0 euro 0 euro

Aanvraag

Je kan een aanvraag indienen bij uw sociaal verzekeringsfonds. Deze moet elke maand opnieuw ingediend worden. De aanvraagformulieren kan u terugvinden op hun respectievelijke website. Het overbruggingsrecht kan aangevraagd worden tot uiterlijk 30 september 2021. Bij toekenning van deze premie, zal de uitkering als volgt worden uitbetaald:

  • voor januari 2021: uitbetaling begin februari 2021
  • voor februari 2021: uitbetaling begin maart 2021
  • voor maart 2021: uitbetaling begin april 2021
Gedeeltelijke uitkering

Komen in aanmerking:

  • zelfstandige in bijberoep die wettelijke voorlopige sociale bijdragen verschuldigd is die worden berekend op een referte-inkomen tussen € 7.021,29 en € 14.042,57;
  • zelfstandige in hoofdberoep gelijkgesteld met bijberoep (art. 37 ARS) die wettelijke voorlopige sociale bijdragen verschuldigd is die worden berekend op een referte-inkomen tussen € 7.021,29 en € 7.356,08;
  • student-zelfstandige die wettelijke voorlopige sociale bijdragen verschuldigd is die worden berekend op een referte-inkomen tussen € 7.021,29 en € 14.042,57 ;
  • actief gepensioneerde zelfstandige die wettelijke voorlopige sociale bijdragen verschuldigd is die worden berekend op een referte-inkomen hoger dan € 7.021,29.

Zij hebben recht op de helft van bovenstaande financiële vergoedingen alsook afhankelijk van de gezinslast + duur van onderbreking.

***

 

 

 

Nieuw Vlaams beschermingsmechanisme (luik 3)

Wat

Alle ondernemingen die verplicht gesloten zijn door de coronamaatregelen of bedrijven die een omzetverlies kennen van minstens 60% kunnen hier aanspraak op maken onder de hieronder bepaalde voorwaarden.

Voorwaarden
  • De onderneming moet actief zijn vóór 16/11/2020 en een exploitatiezetel in Vlaanderen hebben;
  • Verplicht gesloten of omzetdaling van minstens 60% (excl. BTW) t.o.v. zelfde periode in 2019
Periode

Luik 3: Referentieperiode van 16/11/2020 – 31/12/2020 (voorgaande referentieperiodes, zijnde luik 1 en 2 kunnen niet meer aangevraagd worden).

NIEUW: Er is beslist dit te verlengen tot 28 februari 2021. Dit kan nog niet aangevraagd worden. De minimumsteun per maand zal 600 EUR bedragen en de maximumsteun per maand is afhankelijk van de grootte van de onderneming (respectievelijk 7.500, 15.000 of 40.000 EUR).

Vergoeding

Deze premie bedraagt 10% van de omzet (exclusief BTW) tijdens dezelfde periode in 2019. Die 10% is een benadering van gemiddeld de helft van de vaste kosten voor ondernemingen. Zelfstandigen in bijberoep krijgen 5% van de omzet. Voor ondernemingen die nog niet bestonden in 2019 wordt gekeken naar de geschatte omzet in het financieel plan.

De maximale steun voor luik 3:

  • 11.250,00 EUR voor bedrijven met < 9 werknemers
  • 22.500,00 EUR voor bedrijven met 10 werknemers of meer
  • 60.000,00 EUR voor bedrijven met 50 werknemers of meer

Er is een minimaal steunbedrag van 1.000,00 EUR voorzien.

Aanvraag

De premie zal gelden op ondernemingsniveau, en niet per vestiging toegekend worden.

Aanvraag vanaf:

  • voor de periode 16/11/2020 – 31/12/2020 => Aanvraag nog mogelijk tot 15 februari 2021!
***

 

 

 

Globalisatiepremie

De Vlaamse Regering heeft deze nieuwe steunmaatregel goedgekeurd. Deze maatregel zal toekomen aan ondernemingen die in de laatste 3 kwartalen van 2020 (dus 1 april tot 31 december 2020) minstens 70% of 90% omzetverlies hebben geleden. De steun zal 10% van de omzet van de laatste 3 kwartalen van 2019 bedragen met aftrek van de reeds ontvangen premies. Het steunbedrag mag voor kleine ondernemingen niet meer dan 90% van de vaste kosten zijn, voor middelgrote en grote ondernemingen mag het steunbedrag niet meer dan 70% van de vaste kosten zijn.

De globalisatiepremie wordt op heden nog uitgewerkt.

***

 

 

 

Aanvullende premies in bepaalde gemeentes

Momenteel zijn er extra premies beschikbaar in de verschillende provincies van België.

Hou dus zeker de website van uw stad/gemeente in de gaten om te zien of u recht hebt op bijkomende premies. Meer info kan u ook terugvinden op de website van VLAIO:

https://vlaio.be/nl/subsidies-financiering/subsidiedatabank/steunmaatregelen-coronavirus-door-steden-en-gemeenten

De premies die de lokale overheden verstrekken door de coronacrisis, zullen onder bepaalde voorwaarden belastingvrij zijn in de personen- en vennootschapsbelasting.

***

 

 

 

Versoepeling fiscale en sociale zekerheidsverplichtingen

Afbetalingsplan fiscale schulden

Ondernemingen (zowel natuurlijke personen als rechtspersonen) die hinder ondervinden door het coronavirus, kunnen een afbetalingsplan aanvragen voor volgende fiscale schulden:

  • Bedrijfsvoorheffing
  • BTW
  • Personenbelasting
  • Vennootschapsbelasting
  • Rechtspersonenbelasting

Hiervoor is ook een gegarandeerde vrijstelling van nalatigheidsintresten + een kwijtschelding van boetes wegens niet-betaling.

Deze maatregel geldt niet voor ondernemingen met structurele betaalmoeilijkheden en voor schulden die voortvloeien uit fraude.

Dit kan aangevraagd worden tot 31/03/2021. Per schuld moet een aanvraag worden ingediend op het moment van ontvangst van een aanslagbiljet of betalingsuitnodiging.

Sociale bijdragen

Elke zelfstandige (ongeacht de bijdragecategorie) kan een aanvraag indienen bij hun socialeverzekeringsfonds om de betaling van zijn sociale bijdragen met één jaar uit te stellen zonder dat daarvoor verhogingen worden aangerekend.

Deze maatregel geldt momenteel voor de voorlopige bijdragen van KW1, KW2, KW3 en KW4 van 2020 én de regularisatiebijdragen van kwartalen van 2018 die vervallen op 31/03/2020, 30/06/2020, 30/09/2020 en 31/12/2020.

Concreet betekent dat bv. de voorlopige bijdrage van KW1 2020 en de regularisatiebijdrage van 2018 die vervalt op 31/03/2020 pas betaald moeten worden op 31/03/2021.

Voor KW1, KW2 en KW3 van 2020 moest dit schriftelijk aangevraagd worden voor 15/09/2020 bij het sociaal verzekeringsfonds. Om een uitstel te bekomen voor KW4 van 2020, moest dit aangevraagd worden vóór 15/12/2020. Hierbij moet gemotiveerd worden waarom u getroffen bent door het coronavirus (bv. ziekte, quarantaine, sluiting, omzetdaling).

In sommige gevallen kan ook een vermindering of zelfs een vrijstelling van de sociale bijdragen worden aangevraagd.

 Registratiebelasting en erfbelasting

Er worden toleranties toegestaan op het vlak van registratiebelasting en erfbelasting en de hierbij na te leven termijnen en voorwaarden. Dit omdat de notariaten tijdens deze corona-maatregelen maar beperkt toegankelijk zijn. Er geldt een algemene termijnverlenging tot en met 31/01/2021. Deze termijnverlenging hoeft niet aangevraagd te worden.

Concreet: als de oorspronkelijke termijn afloopt tussen 1 november 2020 en 31 januari 2021 en de fiscale verplichten worden nageleefd uiterlijk op 31 januari 2021, dan is er geen belastingverhoging verschuldigd.

Voorbeeld erfbelasting: termijn om een aangifte van nalatenschap in te dienen is verlengd. Er is geen belastingverhoging verschuldigd als deze eigenlijk al binnen moest zijn bv. 28 november 2020 en maar ingediend werd op 31 januari 2021.

Voorbeeld registratiebelasting: Geen belastingverhoging als de termijn overschreden wordt waarbinnen een akte of geschrift ter registratie moest worden aangeboden.

Er wordt ook flexibiliteit toegestaan op de “meeneembaarheid van de registratiebelasting”.

Onder meeneembaarheid wordt begrepen dat onder bepaalde voorwaarden de registratiebelasting die u op een vorige woning hebt betaald, kan aftrekken van de registratiebelasting die op een volgende woning betaald moet worden.

Bv. U koopt een nieuwe woning aan na verkoop van de eerste woning. Voorwaarde van de meeneembaarheid is dat u de verkoop van de eerste woning binnen de 2 jaar na aankoop van de nieuwe woning voltrekt. Deze termijn wordt gecontroleerd via de datum waarop de notariële akte werd verleden. Deze termijn wordt verlengd tot en met 31 januari 2021.

Onroerende voorheffing

Ondernemingen mogen de aanslagbiljetten onroerende voorheffing van het aanslagjaar 2020 uitzonderlijk betalen tegen uiterlijk 30 april 2021, ondanks de gewone betaaltermijn die op de aanslagbiljetten vermeld staat. Er zullen geen nalatigheidsinteresten aangerekend worden, voor zover er uiterlijk op deze datum wordt betaald. Deze maatregel geldt voor bedrijven die rechtspersonen zijn. Eenmanszaken vallen hier niet onder maar kunnen soepel een afbetalingsplan aanvragen.

***

 

 

 

Steunmaatregelen voor werkgevers

Tijdelijke werkloosheid wegens overmacht

Dit systeem is terug opengesteld voor alle ondernemingen met ingang op 01/10/2020 en al zeker tot 31/03/2021. De versoepelingen zijn dus terug toegestaan, alle tijdelijke werkloosheid kan opnieuw te wijten zijn aan tijdelijke werkloosheid wegens overmacht. Er moet niet aangetoond worden dat het gaat om een uitzonderlijke hard getroffen onderneming of sector. Het kan gaan om een volledige schorsing van de arbeid of gedeeltelijk waarbij de werknemer nog enkele dagen per week aan het werk is.

Uitstel van verschuldigde betalingen aan de RSZ (afgelopen)

De regering heeft beslist een uitstel van betalingen aan de RSZ te voorzien tot 15/12/2020 in de volgende drie gevallen:

      1. Automatisch uitstel: alle ondernemingen die getroffen worden door een verplichte sluiting door de coronamaatregelen krijgen automatisch dit uitstel en hoeven hier geen aanvraag voor te doen.
      2. Uitstel na voorafgaande aangifte: ondernemingen die niet getroffen zijn door een verplichte sluiting maar zelf hebben beslist dit wel te doen omdat ze de sanitaire maatregelen niet kunnen naleven (bv. Social Distancing) of door andere redenen (bv. sluiting van toeleveranciers), kunnen uitstel van betaling bekomen door een verklaring op eer in te dienen.
      3. Uitstel na voorafgaande aangifte: ondernemingen die niet volledig gesloten zijn maar economisch zwaar getroffen zijn, kunnen uitstel van betaling bekomen door een verklaring op eer in te dienen. De voorwaarden zijn:
        1. De omzet is in KW2 2020 sterk gedaald: Btw-aangifte is minstens 65% lager dan in KW2 2019 of KW1 2020.OF
        2. Loonlast is in KW2 2020 sterk gedaald: de aangegeven loonlast is minstens 65% lager dan in KW2 2019 of KW1 2020.

***

 

 

 

Algemene steunmaatregelen

 

 

 

Achtergestelde leningen op drie jaar (de coronalening)

Gezien er nog een grote nood is aan extra financiering, zal PMV achtergestelde leningen op een termijn van 3 jaar verschaffen. Deze maatregel geldt enkel voor Vlaamse KMO’s die nood hebben aan versterking van hun eigen vermogen naar aanleiding van het coronavirus. Dit duwtje in de rug is echter enkel voor gezonde, actieve bedrijven en niet voor ondernemingen die al voor de crisis problemen hadden. Daarnaast komen enkel bedrijven in aanmerking:

  • met een effectieve tewerkstelling van min. 80% van hun personeelsbestand op het einde van 2019 (max. 20% tijdelijke werkloosheid) OF
  • die zich ertoe engageren om op zeer korte termijn naar een tewerkstelling van 80% van hun personeelsbestand met maximum 20% tijdelijke werkloosheid (referentie eind 2019) over te gaan OF
  • die minstens 50% van hun personeelsbestand uit het systeem van tijdelijke werkloosheid halen en terug aan het werk zetten.

PMV richt zich op volgende doelgroepen:

  1. Start-ups & scale-ups: (jonge) bedrijven die in de laatste 3 jaren geen recurrente positieve kasstroom hadden en die vernieuwende producten en/of diensten ontwikkelen of reeds op de markt brengen;
  2. Kmo’s en zelfstandigen: die vóór de coronacrisis recurrente positieve kasstromen hadden en hierdoor in aanmerking kwamen voor de klassieke bankfinanciering.

De achtergestelde lening kan toegekend worden voor een minimumbedrag van 25.000,00 EUR en een maximumbedrag van 2.800.000,00 EUR. Er dient wel een onderscheid gemaakt te worden tussen twee schijven:

  • Lening tot 800.000 EUR: geen beperkingen in termen van loonkost of omzet
  • Lening vanaf 800.000 EUR tot 2.800.000 EUR: het maximumbedrag voor de schijf boven 800.000 EUR wordt beperkt tot het grootste van volgende bedragen, zijnde 100% van de loonkost of 12,5% van de omzet

Deze lening zal een jaarlijkse, uitgestelde intrest met zich meebrengen van ofwel 5,00%/6,00% (afhankelijk van schijf) voor start-ups & scale-ups ofwel 4,50% voor kmo’s en zelfstandigen die volledig betaald zal moeten worden op de eindvervaldag.

Update 02/07/2020: voor achtergestelde leningen tot 150.000 EUR geldt een intrestvoet van 3,00%. Deze intrestverlaging zal ook toegepast worden op dossiers van 150.000 EUR of minder die reeds in omloop zijn. Voor ondernemers actief in de autocar-, autobus- en taxisector bedraagt de intrestvoet vast 3,00% ongeacht het kredietbedrag.

Helaas is deze maatregel onverenigbaar met de hinder- of compensatiepremie indien het krediet meer bedraagt dan 75.000 EUR en dit voor beide doelgroepen voor wie de lening bedoeld is. Wie na het ontvangen van één van de premies toch een beroep wil doen op deze achtergestelde lening (>75.000 EUR), zal de premie moeten terugbetalen.

De achtergestelde lening moet aangevraagd worden via de site van PMV voor 15/04/2021. Indien de aanvraag correct en volledig is, zou de doorloopperiode tussen aanvraag en terbeschikkingstelling maximaal 1 maand mogen bedragen.

***

 

 

 

Uitbreiding win-win lening

De win-winlening is in 2006 in het leven geroepen. Op deze manier kunnen kmo’s kapitaal verwerven door een achtergestelde lening te verkrijgen van bv. vrienden en familie terwijl zij hiervoor een belastingvoordeel van 2,5% op het geleende bedrag terugkrijgen. Hier werden wel grensbedragen en voorwaarden aan gekoppeld. Het werd reeds aangekondigd dat deze door de coronacrisis uitgebreid/versoepeld gingen worden. Het decreet van 2 oktober 2020 heeft aldus volgende versoepelingen aangekondigd:

  • Privépersonen kunnen voortaan een lening verstrekken tot 75.000 EUR i.p.v. 50.000 EUR;
  • De onderneming kan win-winleningen ontvangen tot 300.000 EUR i.p.v. 200.000 EUR;
  • De looptijd wordt flexibeler waarbij gekozen kan worden tussen de 5 en 10 jaar i.p.v. de oorspronkelijke vaste termijn van 8 jaar;
  • Ook kleine aandeelhouders (met max. 5% van de aandelen) kunnen een win-winlening verstrekken.

Deze verruiming zal gelden voor alle overeenkomsten die afgesloten worden na 06/10/2020 (publicatie decreet).

Volgende versoepelingen zitten ook in de pijplijn maar hier dient nog een besluit van de Vlaamse regering te worden gepubliceerd:

  • De overheidswaarborg uitbreiden van 30% naar 40%. Indien de onderneming failliet gaat, kan de ontlener dus 40% van zijn geld terugkrijgen via een belastingvermindering. Dit is een tijdelijk regeling, deze hogere waarborg geldt dan voor alle overeenkomsten die werden afgesloten van 15/03/2020 tot uiterlijk 31/12/2021, voor de ganse looptijd;
  • De bestaande win-winleningen die aflopen in 2020, kunnen verlengd worden met maximum 2 jaar waarbij de ontlener zijn belastingvoordeel van 2,5% behoudt.

De vernieuwde win-winlening kan op heden aangevraagd worden via de website van PMV.

***

 

 

 

Handelshuurlening UPDATE

Dit is een steunmaatregel voor handelszaken die moeilijkheden hebben om hun huur verder te betalen. De Vlaamse overheid engageert zich om maximum 2 huurperiodes voor te schieten, op voorwaarde dat de verhuurder één of twee maanden huur kwijtscheldt. Specifiek wordt de lening uitbetaald aan de verhuurder, terwijl de huurder degene is die de lening aangaat. De lening kan maximaal 35.000 EUR bedragen en dient in een periode van 18 maanden aan een intrest van 2% terugbetaald te worden. De terugbetaling begint pas na 6 maanden te lopen. Het gehele geleende bedrag moet dus terugbetaald zijn ten laatste 24 maanden na toekenning van het krediet.

Bv. als de verhuurder de huurgelden van september en/of oktober kwijtscheldt, dan komt er – via een lening- geld voor de huur van de twee volgende maanden, zijnde november en december. Belangrijk is ook dat enkel bedrijven die verplicht waren hun locatie te sluiten door de coronamaatregelen beroep kunnen doen op deze lening.

De lening-handelshuur aanvragen kan via een systeemtool op de website van VLAIO. De huurder doet de aanvraag, waarop deze erna bevestigd moet worden door de verhuurder. VLAIO onderzoekt de aanvraag en stuurt de gegevens door naar PMV voor de opmaak van de leningsovereenkomst. Zodra PMV de leningsovereenkomst ondertekend door de huurder terug ontvangen heeft, stort ze het verschuldigde bedrag op rekening van de verhuurder. De betaling zal gelden als een betaling van de huurder.

De indieningstermijn werd reeds verlengd tot 01/03/2021.

NIEUW vanaf 04/01/2021: 

  • De lening kan maximaal 60.000 EUR bedragen i.p.v. oorspronkelijk 35.000 EUR
  • Dekking van max. 4 maanden huur i.p.v. 2 maanden
  • Indien uw onderneming uitgebaat wordt in meerdere panden, dan kunnen meerdere handelshuurleningen verkregen worden, het totaal wordt dan ook verhoogd tot 150.000 EUR voor alle panden samen

De verplichte minimale kwijtschelding van één maand huur door de verhuurder wordt niet opgetrokken, deze blijft hetzelfde.

Indien u reeds een handelshuurlening hebt lopen, dan kan u deze laten uitbreiden in functie van deze vernieuwde voorwaarden. Er is geen bijkomende kwijtschelding door de verhuurder vereist.

***

 

 

 

Het welvaartsfonds

Belgen zijn spaarders, zover is duidelijk. Er staat een torenhoog bedrag van in totaal 284 miljard euro geparkeerd op de spaarboekjes. Een aanzienlijk bedrag hiervan wordt gedefinieerd als “slapend spaargeld”.

De bedoeling is om een fonds met een waarde van 500 miljoen euro op te starten dat zal beleggen in kapitaalsverhogingen of achtergestelde leningen bij Vlaamse bedrijven. De overheid stort alvast 240 miljoen euro via PMV (Participatiemaatschappij Vlaanderen, het investeringsvehikel van de Vlaamse overheid) om het fonds aan te vullen maar kijkt dus naar de sparende Vlaming om dit  verder aan te vullen.

Hoe werkt het concreet? U kan als particulier aandelen aankopen in het fonds, dat zo het geld kan investeren in bedrijven. In ruil voor deze inbreng, krijgt u een belastingvoordeel van 2,5% voor 3 jaar lang met een maximum van 1.000 euro in totaal. Er wordt ook een voordeel voorzien op vlak van erfbelasting. Indien u zou komen te overlijden, dan zal maar 3% erfbelasting geheven worden op de investering in het fonds en niet meegerekend worden in het vermogen.

Het fonds zal zijn kapitaal vooral richten op beginnende bedrijven (start-ups en scale-ups), maar ook naar innovatieve bedrijven die bepaalde ethische voorwaarden nakomen. Geen concrete voorwaarden maar wel het ethisch handelen en de Vlaamse verankering zullen belangrijk zijn in de beoordeling.

Momenteel kan nog geen beroep gedaan worden op dit fonds, het is nog in voorbereiding.

***

 

 

 

Het vriendenaandeel

Naast de win-winlening die familie en vrienden kunnen gebruiken om geld te lenen aan een kmo, komt er nu ook een vriendenaandeel die hen moet aanmoedigen om aandelen te verwerven. Dezelfde bedragen die worden verstrekt als achtergestelde lening (win-winlening) zullen ook als kapitaalparticipatie kunnen worden gegeven. De grensbedragen zullen dus moeten worden gerespecteerd, de kredietgever kan maximaal 75.000 EUR investeren en als ondernemingen kan je op deze manier maximaal 300.000 EUR kapitaal verwerven.

De win-winlening kan niet gecombineerd worden met het vriendenaandeel, er kan wel gekozen worden om een deel van het bedrag als lening te geven en een deel als kapitaal.

Hier wordt een fiscaal voordeel in de personenbelasting tegenover gesteld van 2,5% gedurende 5 jaar.

Conform de vennootschapswetgeving zal wel een verslag moeten worden opgesteld over de uitgifteprijs van de aandelen (met positief oordeel van een bedrijfsrevisor of extern accountant), zodat de potentiële intekenaar beschermd wordt.

Dit kan nog niet aangevraagd worden. Het wettelijk kader moet nog gefinaliseerd worden.

***

 

 

 

Uitbreiding Tax shelter

De tax shelter voor start-ups & scale-ups wordt uitgebreid. Dit is voortaan ook toegankelijk voor kmo’s en gevestigde bedrijven die negatief beïnvloed zijn door de coronacrisis.

***

 

 

 

Verhoogde investeringsaftrek

Om te vermijden dat investeringen door kmo’s en zelfstandigen zouden worden stopgezet, wordt de investeringsaftrek op vaste activa die worden verkregen tussen 12/03/2020 en 31/12/2020 verhoogd tot 25%. Deze aftrek is enkel van toepassing op kmo’s. De termijn voor de overdracht van een ongebruikte investeringsaftrek voor investeringen in 2019 wordt verlengd tot de 2 volgende belastbare tijdperken i.p.v. 1 belastbaar tijdperk.

Deze verhoging zal gelden tot eind 2022.

 

Keer hier terug naar de inhoudstafel