Icon doel 3

Wijziging btw in de zorgsector vanaf 1 januari 2022

Het toepassingsgebied van de btw-vrijstelling van (para)medische beroepen is vanaf 1 januari 2022 grondig gewijzigd. De wetgever paste hierbij artikel 44 van het Btw-Wetboek aan zodat dit in overeenstemming zou zijn met de vaste rechtspraak van het Europees Hof van Justitie en het Grondwettelijk Hof.

Wat is er gewijzigd?

Oude regeling tot 31 december 2021

Tot en met 31 december 2021 waren de erelonen van bepaalde (para)medici bv. geneesheren, kinesisten, tandartsen, diëtisten, vrijgesteld van btw onder artikel 44 W. BTW. Dit was niet beperkt tot enkel de erelonen van de geneeskundige zorgen maar omvatte alle verrichtingen die verband hielden met de normale uitoefening van het beroep van deze vrijgestelde zorgverlener. Er werd dus geen onderscheid gemaakt volgens de aard van de handeling maar wél volgens de erkenning van een zorgverlener.

Enige uitzondering: indien de behandeling echter zuiver esthetisch was, dan moest hier wél al btw op aangerekend worden.

Bv. een podoloog, een paramedisch beroep die niet erkend maar wel gereglementeerd is, moest op alle handelingen btw aanrekenen, onafhankelijk of dit een therapeutische behandeling was of niet.

Nieuwe regeling vanaf 1 januari 2022

Sinds 1 januari 2022 zijn alle vormen van medische verzorging zonder therapeutisch doel, ongeacht of ze verstrekt worden door een erkende (para) medische beroepsbeoefenaar, onderworpen aan btw. Het voorgaande onderscheid tussen de zorgverstrekkers valt dus weg.

Enkel ingrepen/behandelingen die als therapeutisch worden aangemerkt zijn nog vrijgesteld van btw.

Vanaf heden wordt er dus gekeken naar de aard van de behandeling en niet naar de behaalde erkenning. Er wordt geen onderscheid meer gemaakt tussen gereglementeerde en niet-gereglementeerde zorgbeoefenaars zolang deze wél over de nodige kwalificaties beschikken zodat de kwaliteit van de zorg hoog genoeg is. Dit zorgt ervoor dat bepaalde paramedici zoals bv. een chiropractor of osteopaat, geen btw moet aanrekenen zolang ze maar over de juiste kwalificaties beschikken.

Bv. Indien een kinesist een sporter begeleidt, zal deze btw moeten aanrekenen op zijn erelonen, gezien dit als niet-therapeutisch zal worden aanzien.

Welk btw-tarief?

Het standaardtarief van 21% is van toepassing. Indien een zorgverlener zowel handelingen verricht met een therapeutisch doel als handelingen zonder therapeutisch doel, dan wordt hij een gemengd btw-plichtige.

Als de ingreep/behandeling zelf gemengd is (zowel therapeutisch als niet-therapeutisch) dan is de vrijstelling van toepassing.

Hoe en wie zal de ingreep/behandeling kwalificeren als therapeutisch/niet-therapeutisch?

Het doel en het oogmerk van de ingreep is bepalend.

Bv. een psychologisch voordeel dat ontstaat na het wijzigen van het lichaamsuiterlijk is niet voldoende om deze behandeling als therapeutisch te kenmerken.

Wanneer een behandeling echter in het kader van een psychische aandoening een therapeutisch doel heeft, dan is deze vrijgesteld (Bv. Transgender chirurgie).

Deze verantwoordelijkheid ligt bij de medische beroepsbeoefenaar die de hoofdhandeling uitvoert. Er is wel al een vermoeden of aanwijzing bij volgende gevallen:

  • De ingreep/behandeling komt voor in de RIZIV-nomenclatuur
  • De ingreep/behandeling wordt uitgevoerd op medisch voorschrift

Hier is geen extra motivatie nodig om het therapeutisch karakter van de ingreep te bewijzen.

Indien aan geen enkele van deze voorwaarden voldaan wordt, kan er toch nog een vrijstelling van toepassing zijn indien de voornoemde beroepsbeoefenaar dit motiveert. Deze motivatie hoeft niet per se via een afzonderlijk document beschreven te worden maar kan voorkomen uit het patiëntendossier of algemeen via bewijsmiddelen van gemeen recht.

Controle door de btw-administratie

De btw-administratie heeft slechts een marginale toetsingsbevoegdheid, d.w.z. ze kunnen enkel nagaan of het besluit redelijk is genomen.

Om het beroepsgeheim te beschermen, zal deze controle in geanonimiseerde vorm moeten gebeuren. De beroepsbeoefenaar zal in zijn administratie steeds een onderscheid moeten maken tussen de prestaties met een therapeutisch doel en degene zonder. Dit brengt niet per se een facturatieverplichting met zich mee (particulieren). Dit zal wél in het dagontvangstenboek gemeld moeten worden.

Enkele voorbeelden van behandelingen met een therapeutisch doel:

  • Medisch handelen in verband met vruchtbaarheid en zwangerschap;
  • Periodieke medische controle door de behandelende arts;
  • Uitvoeren van medische voetzorg door podologen en medische pedicuren bij risicopatiënten (bv. diabetici of reumapatiënten) of in geval van specifieke huid- en nagelaandoeningen;

Enkele voorbeelden van behandelingen zonder therapeutisch doel:

  • een medisch onderzoek voor het verkrijgen van een rijgeschiktheidsattest of een medisch attest voor piloten;
  • meewerken aan onderzoeken in opdracht van de farmaceutische industrie;
  • activiteiten bestaande uit de controlegeneeskunde die worden uitgevoerd door zelfstandige artsen met als doel om in opdracht van werkgevers de arbeidsongeschiktheid van werknemers te controleren;

Vanaf nu altijd 21% BTW aanrekenen op handelingen zonder therapeutisch doel?

Nee! Indien de omzet die de beroepsbeoefenaar haalt uit de niet-therapeutische prestaties de jaarlijkse drempel van 25.000 EUR (excl. BTW) niet overschrijdt, dan kan deze aanspraak maken op de “vrijstellingsregeling” voor kleine ondernemingen. Hierbij moet dan wel formulier 604A ingediend worden bij de btw-administratie om deze vrijstelling aan te vragen.

In deze drempel van 25.000 EUR moet ook de vrijgestelde onroerende verhuur meegeteld worden.

Let op: dit is niet vrijgesteld onder artikel 44 W. BTW zoals voorheen. Indien onder artikel 44 vrijgesteld, hoeft u deze vrijstelling niet effectief aan te vragen aan de btw-administratie.

Wat indien u bent vrijgesteld door de btw-administratie (dus onder de vrijstellingsregeling)?

  1. Er hoeft geen periodieke btw-aangifte ingediend te worden;
  2. Er moet geen btw op de erelonen aangerekend worden;
  3. Er moet wél een dagontvangstenboek bijgehouden worden;
  4. Er is geen facturatieverplichting aan particulieren (B2C) maar wél aan btw-plichtigen (B2B);
  5. Geen btw-listing noodzakelijk tenzij ze handelingen verrichten aan andere btw-plichtigen (B2B).

Bv. politie vraagt in het kader van een alcoholcontrole om bloed af te nemen bij bepaalde personen. De erelonen zullen via factuur aangerekend worden want dit gaat om een B2B handeling (FOD).

Praktisch?

Indien u btw-plichtig zal zijn of vrijgesteld onder de vrijstellingsregeling, zal er een dagontvangstenboek moeten worden bijgehouden (dus niet indien u volledig vrijgesteld blijft onder artikel 44 W.BTW). Hierin wordt best het nummer van het getuigschrift vermeldt samen met het bedrag van de erelonen. Daarnaast worden ook best twee afzonderlijke totalen opgenomen per dag met onderscheid tussen de behandelingen met therapeutisch doel en degene zonder therapeutisch doel. Dit om te controleren of er onder de drempel van 25.000 euro omzet gebleven wordt.

Toch boven de 25.000 euro omzet? Dan verricht u zowel btw-plichtige en niet btw-plichtige handelingen (therapeutische en niet therapeutische handelingen) wat ervoor zorgt dat u een gemengde btw-plichtige wordt. Voor de btw op uw kosten zal er dan gewerkt worden met een verhoudingsgetal.

Vroeger nog vrijgesteld van btw door artikel 44 W. BTW en je wordt door deze wijziging toch btw-plichtig? Er zal een formulier 604A met ofwel aanvraag tot btw-identificatie ofwel aanvraag tot vrijstelling van btw ingediend moeten worden bij de btw-administratie.

Bent u al aangegeven bij de btw-administratie als btw-plichtig of al onder vrijstellingsregeling van btw en dit zou wijzigen? Dan zal er een formulier 604B tot wijziging van uw regime moeten ingediend worden bij de btw-administratie.

Overgangsperiode?

Specifiek voor de paramedische beroepen

Door de wijziging zijn op heden veel handelingen die paramedici verrichten, vrijgesteld van btw. Er wordt dus door sommige paramedici overgegaan van een btw-stelsel waarbij ze onderworpen zijn aan btw naar een vrijstellingsregime.

Zij dienen een éénmalige herziening uit te voeren van de btw die ze in het verleden hebben afgetrokken voor hun investeringen. Deze herzieningsperiode bedraagt 5 jaar voor roerende goederen en 15 jaar voor onroerende goederen. De inventaris van herziening moet wel opgemaakt en ingediend worden tegen 30/06/2022.

Gezien dit een herziening inhoudt door een wetswijziging, zal de btw-administratie een jaarlijkse en dus gespreide herziening aanvaarden.

Algemene overgangsbepalingen

Tolerantie op het toepasbaar btw-regime

Volgende handelingen zijn nog onderworpen aan de “oude” regeling zoals van toepassing op 31/12/2021:

  • de behandelingen verricht door zorgverstrekkers die uiterlijk op 31.12.2021 zijn vastgelegd met de patiënt. Wel op voorwaarde dat de behandeling effectief wordt uitgevoerd of afgerond uiterlijk op 30.06.2022.
  • de dienstprestaties (vb. expertises) die reeds zijn uitgevoerd uiterlijk op 31.12.2021 (belastbaar feit) maar waarvoor er zich een oorzaak van opeisbaarheid voordoet na die datum.
  • Indien een vergoeding gedeeltelijk betrekking heeft op dienstprestaties die uiterlijk op 31.12.2021 materieel zijn verricht en gedeeltelijk op dienstprestaties die materieel verricht worden na die datum, blijft de vergoeding met betrekking tot de vóór 01.01.2022 materieel verrichte diensten, waarvoor de btw bij toepassing van de wettelijke regels nog niet opeisbaar was geworden uiterlijk op 31.12.2021, de tot op die datum geldende regeling volgen. Op voorwaarde dat een formele, gedetailleerde kostenstaat wordt uitgereikt en de prijs duidelijk bepaalbaar is en kan toegerekend worden aan de vóór 01.01.2022 materieel verrichte diensten. Deze kostenstaat dient ten laatste op 28.02.2022 te worden uitgereikt aan de medecontractant.

Tolerantie m.b.t. btw-identificatie

Wie zich moet laten identificeren voor btw-doeleinden, krijgt tot uiterlijk 31/01/2022 de tijd om hun ondernemingsnummer te laten activeren via formulier 604a bij de btw-administratie. Dit met datum van uitwerking op 01/01/2022.

Wie hun identificatie moet laten wijzigen, krijgt ook de tijd tot 31/01/2022 om hun formulier 604b in te dienen.

Tolerantie indienen eerste periodieke btw-aangiften

Onderscheid tussen een maandaangever en een kwartaalaangever:

  • Een maandaangever: kan de handelingen die verricht zijn in januari, februari en maart 2022 opnemen in de aangifte van april 2022 die uiterlijk 20 mei 2022 moet ingediend zijn. Er moet dan wel ten laatste 20 februari, 20 maart en 20 april een nihilaangifte worden ingediend.
  • Een kwartaalaangever: kan de handelingen die verricht zijn in het eerste kwartaal 2022 opnemen in de aangifte m.b.t. het tweede kwartaal van 2022 die ingediend moet zijn uiterlijk op 20 juli 2022. Dit ook onder de voorwaarde dat er voor het eerste kwartaal een nihilaangifte wordt ingediend ten laatste op 20 april 2022.

Wenst u meer informatie?

Neem contact met ons via onderstaand formulier of boek een afspraak.
Boek meteen een afspraak!
Default contact

Benieuwd wat we voor jou kunnen betekenen?

Laat hier uw gegevens na.